Dit hoofdstuk beschrijft hoe de gemeente werkt aan gelijke ontwikkelkansen voor alle kinderen en jongeren en hen voorbereidt op een actieve en zelfstandige deelname aan de samenleving. Goed onderwijs vormt hiervoor een belangrijke basis. Samen met onderwijsinstellingen, kinderopvangorganisaties, samenwerkingsverbanden en maatschappelijke partners zetten we ons in voor een leeromgeving waarin ieder kind zich optimaal kan ontwikkelen.
We richten ons daarbij op het zo vroeg mogelijk signaleren en terugdringen van ontwikkelachterstanden, zodat kinderen met een stevige basis aan hun schoolloopbaan kunnen beginnen. Daarnaast besteden we bijzondere aandacht aan kinderen en jongeren die dreigen uit te vallen uit het onderwijs. Door tijdige ondersteuning en een goede samenwerking tussen onderwijs, jeugdhulp en gemeenten voorkomen we waar mogelijk thuiszitten en begeleiden we jongeren terug naar passend onderwijs.
De uitvoering van de Wet passend onderwijs vraagt om een gezamenlijke verantwoordelijkheid voor leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben. We stimuleren een inclusieve onderwijsomgeving waarin kinderen, ongeacht hun ondersteuningsbehoefte, de kans krijgen zich optimaal te ontwikkelen en mee te doen.
Tot slot zetten we in op toekomstbestendige onderwijshuisvesting. Onderwijsgebouwen vervullen daarbij steeds vaker een bredere maatschappelijke functie. Door multifunctioneel gebruik van schoolgebouwen te stimuleren, creëren we ontmoetingsplekken waar onderwijs, opvang, welzijn, sport en cultuur elkaar versterken. Hiermee dragen we bij aan levendige voorzieningen in de wijken en aan een sterke sociale basis voor kinderen, jongeren en hun ouders.
Zo werken we aan een gemeente waarin iedere jongere de kans krijgt talenten te ontwikkelen, volwaardig mee te doen en goed voorbereid te zijn op de samenleving van morgen.